Werk je vanaf vaste locaties, bijvoorbeeld een kantoor of een callcenter, dan kun je de toegang tot Salesdock beperken tot een lijst met IP-adressen. Wie van buiten die lijst probeert in te loggen, komt er niet in. Je stelt dit in voor de hele omgeving, per organisatie, of allebei naast elkaar.

Waar vind ik dit?

Ga naar Instellingen en kies onder het kopje Beveiliging voor IP-adres restrictie.

Zie je dit onderdeel niet staan? Deze functie wordt eerst door Salesdock voor je omgeving geactiveerd. Daarna is de pagina alleen zichtbaar voor gebruikers met de rol eigenaar. Beheerders en andere rollen kunnen de instelling niet openen. Neem contact op met support als je de functie wilt laten aanzetten.

Twee niveaus

Je kunt op twee niveaus IP-adressen vastleggen. Bij het inschakelen kies je waar je begint, en je kunt het later altijd uitbreiden.

NiveauVoor wie geldt het
Voor iedereenAlle gebruikers in de omgeving, ongeacht hun organisatie.
Per organisatieAlleen de gebruikers die bij die organisatie horen. Organisaties zonder eigen lijst merken hier niets van.

Gebruik je beide niveaus, dan tellen ze bij elkaar op. Een gebruiker van een organisatie met een eigen lijst mag inloggen zodra zijn IP-adres in één van de twee lijsten voorkomt, dus zowel vanaf een eigen adres van de organisatie als vanaf een adres uit de lijst voor iedereen. In het overzicht staat dat per organisatie aangegeven met de melding dat die organisatie ook via de standaard IP-adressen kan inloggen.

Een restrictie instellen

  1. Klik op Restricties inschakelen.
  2. Kies het niveau: Voor iedereen of Per organisatie. Bij per organisatie selecteer je eerst de organisatie.
  3. Vul de toegestane IP-adressen in. Per regel kun je een omschrijving meegeven, bijvoorbeeld de locatie of de reden.
  4. Klik op Restrictie inschakelen.

Je eigen IP-adres wordt in het overzicht gemarkeerd met het label Jouw IP-adres, en je eigen organisatie met Jouw organisatie. Staat je eigen adres nog niet in de lijst, dan biedt het scherm de knop Voeg mijn IP-adres toe aan.

Let op: je kunt jezelf buitensluiten. Controleer voor het opslaan of het adres waar jij vandaan werkt echt in de lijst staat. Let er ook op dat veel internetaanbieders wisselende IP-adressen uitgeven, dus ga na of het adres van een locatie werkelijk vast is voordat je erop vertrouwt.

Welke notaties kun je gebruiken

NotatieVoorbeeldToelichting
Eén adres192.0.2.166IPv4 en IPv6 worden allebei geaccepteerd.
Reeks met streepje192.0.2.1-192.0.2.50Het beginadres moet lager zijn dan het eindadres, en de reeks mag niet buiten hetzelfde eerste blok vallen. Bij IPv4 betekent dat: hetzelfde eerste getal.
CIDR192.0.2.0/24Bij IPv4 van /8 tot en met /32, bij IPv6 van /32 tot en met /128. Een bredere notatie wordt geweigerd.

Dezelfde waarde twee keer binnen hetzelfde niveau invullen kan niet. Voldoet een regel niet aan een van deze vormen, dan krijg je de melding dat het geen geldig IP-adres is.

Wanneer gaat de restrictie in

De controle vindt plaats op het moment dat iemand inlogt, en het resultaat blijft gelden voor de rest van die sessie. Wie op dat moment al is ingelogd, blijft dus gewoon werken. De restrictie gaat voor die gebruiker in bij de eerstvolgende keer dat hij inlogt. Datzelfde geldt andersom: hef je een restrictie op, dan merkt een gebruiker dat pas bij zijn volgende login.

Gebruikers vrijstellen

Heb je iemand die wel van wisselende locaties moet kunnen werken, dan kun je die persoon vrijstellen. Dat doe je onderaan de pagina onder Vrijgestelde gebruikers. Een vrijgestelde gebruiker kan vanaf elk IP-adres inloggen en omzeilt daarmee alle restricties die je hebt ingesteld, op zowel omgevings- als organisatieniveau.

Een paar dingen om te weten:

  • Je stelt altijd een specifieke gebruiker vrij, niet een rol of een hele organisatie.
  • Bij de gebruiker zie je bij welke organisatie hij hoort, zodat je niet de verkeerde aanwijst.
  • Een vrijstelling hef je op met Vrijstelling opheffen.
  • Tweestapsverificatie blijft gewoon gelden. Een vrijstelling gaat alleen over het IP-adres.
  • Hef je de laatste restrictie in de omgeving op, dan vervallen de vrijstellingen automatisch. Er valt dan immers niets meer te omzeilen.

Wat valt er buiten

  • Medewerkers van Salesdock komen altijd binnen vanaf de interne adressen van Salesdock, zodat support je kan blijven helpen.
  • API-koppelingen gaan hier niet doorheen. Voor een API-token stel je de toegestane IP-adressen apart in bij het token zelf. Zie API key aanmaken voor een externe koppeling.

Toch buitengesloten?

Wordt een inlogpoging geweigerd, dan verschijnt er een melding dat er wordt ingelogd vanaf een IP-adres dat niet wordt herkend. Wat er daarna gebeurt, hangt af van de rol:

  • Eigenaren krijgen een e-mail met een verificatielink. Daarmee kun je één keer inloggen vanaf dat apparaat. De link is tien minuten geldig, werkt alleen vanaf hetzelfde apparaat en netwerk waar de login werd geblokkeerd, en kan maar één keer worden gebruikt. Er gaat maximaal één van deze mails per tien minuten uit.
  • Andere rollen krijgen geen verificatiemail. Zij zien de melding dat ze contact moeten opnemen met de eigenaar van de omgeving.

De verificatielink geeft eenmalige toegang en voegt het adres niet toe aan de lijst. Wil je vanaf die locatie blijven werken, voeg het IP-adres dan alsnog toe op de instellingenpagina.

Een restrictie opheffen

Via Restrictie opheffen verwijder je de hele lijst van dat niveau in één keer. Losse adressen haal je er één voor één uit met Verwijder IP-adres. Verwijder je het laatste adres, dan keert de pagina terug naar de beginstand en gelden er geen restricties meer.

Hef je de restrictie voor iedereen op terwijl er nog organisaties met een eigen lijst zijn, dan blijven die organisaties beperkt tot hun eigen adressen. Alle andere gebruikers kunnen daarna weer vanaf elk adres inloggen.

Wordt dit vastgelegd?

Ja. Het toevoegen en verwijderen van IP-adressen, het opheffen van een restrictie, het geven en intrekken van een vrijstelling en het gebruik van een verificatielink worden allemaal bewaard. Je vindt ze terug via Audit logs.

Begrippenlijst

IP-adres — het adres waarmee een computer op internet zichtbaar is. Meestal deelt iedereen op hetzelfde kantoornetwerk er één naar buiten toe.

Reeks — een aaneengesloten groep adressen, genoteerd met een streepje ertussen.

CIDR — een korte schrijfwijze voor een blok adressen, bijvoorbeeld 192.0.2.0/24 voor alle adressen van 192.0.2.0 tot en met 192.0.2.255.