Met productcondities laat je een product alleen verschijnen wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Voor de warmtepomp-flow zijn er zes specifieke condities beschikbaar waarmee je producten kunt tonen of verbergen op basis van het verkooptype, het type warmtepomp, het benodigde vermogen, de aanwezigheid van een geïntegreerde boiler of het gekozen hoofdproduct. Dit artikel beschrijft welke condities er zijn, hoe je ze instelt en waar je op moet letten.
Hoe productcondities werken
Productcondities staan in het Conditie-blok van een product onder Beheer → Producten. Je definieert er één of meer regels die op de actuele sale-gegevens worden geëvalueerd. Wanneer de regels matchen, verschijnt het product in de salesflow; matchen ze niet, dan blijft het product verborgen.
Bij elke regel kies je een operator (bijvoorbeeld is, is niet, kleiner dan, groter dan) en een waarde. Meerdere regels kun je combineren met:
- ALL — alle regels moeten matchen (AND-logica). Geschikt voor "tussen X en Y": je definieert dan twee regels die allebei moeten kloppen.
- ANY — minstens één regel moet matchen (OR-logica). Geschikt voor "deze waarde óf die waarde", bijvoorbeeld bij meerdere geldige typen warmtepompen.
Let op — zichtbaarheid correct instellen: wanneer je condities gebruikt om de zichtbaarheid van een product te regelen, moet je de schakelaar Zichtbaar onder de conditie aanzetten en de algemene zichtbaarheidsinstelling van het product juist uitschakelen. Anders is het product altijd zichtbaar, ongeacht de conditie.
Let op — integraties: productcondities worden niet automatisch meegenomen wanneer producten via een Salesdock-integratie worden gedeeld met een andere omgeving. De ontvangende partij moet de condities aan hun kant zelf opnieuw definiëren op de gekoppelde producten.
Welke condities zijn er?
Voor warmtepompen kun je de volgende condities gebruiken (te vinden in de Conditie-keuzelijst onder de groep Warmtepomp):
| Conditie | Operators | Waarde |
|---|---|---|
| Geïntegreerde boiler Of het gekozen warmtepomp-product een geïntegreerde boiler heeft | is, is niet | Ja / Nee / Leeg |
| Warmtepomp verkooptype Verkoop op basis van koop of huur | is, is niet | Koop / Huur |
| Benodigd vermogen Het door Salesdock berekende benodigde vermogen voor het pand | kleiner dan, groter dan, kleiner dan of gelijk, groter dan of gelijk | getal (kW) |
| Warmtepomp Het specifieke warmtepomp-hoofdproduct dat in de offerte zit | is, is niet, bevat, bevat niet | keuzelijst van warmtepomp-producten |
| Warmtepomp identifier De technische identifier van het gekozen warmtepomp-product (vrije tekstmatch) | is, is niet, bevat, bevat niet | tekst |
| Type warmtepomp De systeemcategorie van het gekozen warmtepomp-product | is, is niet | Add-on / All-Electric / Hybride |
Tip — verschil tussen Warmtepomp en Warmtepomp identifier: bij Warmtepomp kies je het hoofdproduct uit een lijst — dat is de meest robuuste keuze, want hernoemen van het product breekt de conditie niet. Bij Warmtepomp identifier match je op de tekstuele identifier van het product. Dat is handig wanneer meerdere productvarianten dezelfde tekst in hun identifier delen (bijvoorbeeld alle producten met "premium" erin); je kunt dan met de operator bevat in één regel een hele groep producten afdekken.
Praktische voorbeelden
Type warmtepomp — cv-vervangingsoptie alleen bij All-Electric
Voor een product dat alleen relevant is bij een All-Electric installatie (bijvoorbeeld een buffervat of een specifieke afgifte-aanpassing) gebruik je: Type warmtepomp is All-Electric. Bij een hybride of add-on opstelling verschijnt het product dan niet.
Geïntegreerde boiler — losse boiler verbergen wanneer er al een geïntegreerde boiler is
Heb je een losse boiler-product dat alleen aangeboden moet worden bij een warmtepomp zonder geïntegreerde boiler? Stel dan in: Geïntegreerde boiler is Nee. Bij warmtepompen die zelf al een boiler hebben verschijnt deze losse boiler dan niet.
Benodigd vermogen — specifieke warmtepomp alleen tonen binnen een vermogensbereik
Een 8 kW warmtepomp moet bijvoorbeeld alleen verschijnen voor pandberekeningen tussen 6 en 10 kW. Met de operator ALL definieer je twee regels die beide moeten kloppen:
- Benodigd vermogen groter dan of gelijk 6
- Benodigd vermogen kleiner dan of gelijk 10
Voor een groter model verschuif je de waarden, en zo kun je een hele staffel van warmtepompen automatisch laten verschijnen op basis van de berekende vermogensbehoefte.
Verkooptype — servicecontract alleen bij koop
Een meerjarig servicecontract dat hoort bij een gekochte warmtepomp wil je niet aanbieden bij huur (omdat dat doorgaans in de huurprijs is verwerkt). Stel in: Warmtepomp verkooptype is Koop. Bij huurproposities verdwijnt het servicecontract automatisch uit het aanbod.
Warmtepomp identifier — bijbehorend accessoire bij een productlijn
Wanneer alle producten van een specifieke fabrikant in hun identifier een gemeenschappelijke afkorting bevatten (bijvoorbeeld "ABC-WP-..."), kun je een bijbehorend accessoire alleen aan die productlijn koppelen via: Warmtepomp identifier bevat ABC-WP. Het accessoire verschijnt dan bij elk product uit die lijn, zonder dat je per product een aparte conditie hoeft in te richten.
Warmtepomp — specifiek accessoire bij één bepaald model
Wanneer een accessoire alleen bij één specifiek model warmtepomp hoort, gebruik je: Warmtepomp is [naam van het hoofdproduct]. Op die manier verschijnt het accessoire alleen wanneer dat ene model is gekozen.
Tips bij het inrichten
Tip: begin altijd met de bedoeling. Bedenk eerst in welke situatie het product wel of niet zichtbaar moet zijn, en kies daarna of je ALL of ANY nodig hebt. Bij een lijst met geldige opties past ANY; bij een bereik (tussen X en Y) past ALL.
Tip: voor het uitsluiten van producten op basis van het hoofdproduct heeft Warmtepomp meestal de voorkeur boven Warmtepomp identifier — tenzij je gericht op een tekstpatroon in de identifier wilt filteren. Bij hernoemen van een hoofdproduct blijft een conditie op Warmtepomp werken; een conditie op identifier alleen wanneer de identifier ongewijzigd blijft.
Test je conditie: doorloop een testverkoop in de warmtepomp-flow met verschillende invoer (verschillende vermogensbehoeftes, met en zonder geïntegreerde boiler, koop versus huur, verschillende warmtepomptypes) om te bevestigen dat het product op de juiste momenten verschijnt en op andere momenten niet. Vooral bij combinaties van condities is testen het beste middel om zekerheid te krijgen.
Begrippenlijst
Productconditie — regel waarmee je bepaalt onder welke voorwaarden een product in de salesflow zichtbaar is.
ALL (AND) — alle regels in een conditiegroep moeten waar zijn voordat de groep matcht.
ANY (OR) — minstens één regel in een conditiegroep moet waar zijn voordat de groep matcht.
Geïntegreerde boiler — een warmtepomp waarbij de boiler in dezelfde unit als de warmtepomp zit. Wordt op het hoofdproduct ingesteld als productkenmerk.
Benodigd vermogen — het door Salesdock berekende vermogen (in kW) dat nodig is om het pand te verwarmen, op basis van bouwjaar, vloeroppervlak, isolatie en andere factoren in de salesflow.
Type warmtepomp — de categorie van de installatie: Add-on (aangevuld op bestaande cv), All-Electric (volledig elektrisch verwarmen) of Hybride (combinatie van warmtepomp en gasketel).
Identifier — de technische, vrije-tekst-identificatie van een product (te vinden op het productformulier). Wordt vaak gebruikt voor consistente verwijzing in integraties en condities.