Het is mogelijk om omgevingen binnen Salesdock met elkaar te laten verbinden; dit is bijvoorbeeld handig op het moment dat partij A orders wil inleggen via partij B. Partij B heeft hierbij de mogelijkheid om jouw Salesdock omgeving toegang te geven tot bepaalde proposities, die je vervolgens met elkaar kan laten verbinden. Dit is een standaard module die door Salesdock wordt uitgeleverd. De procedure zal worden toegelicht op basis van een scenario dat hieronder is geschetst.


Klant B verkoopt energie proposities, waarvoor hij/zij een contract heeft met een opdrachtgever. Klant A wil ook graag deze proposities verkopen en heeft hierover afspraken gemaakt met klant B.


Actie klant B


Klant B moet in zijn/haar omgeving het volgend doen:

  • Er moet een organisatie worden aangemaakt. Dit kan via Account-->Organisatie. Klik vervolgens op 'Toevoegen';

  • Open de zojuist aangemaakte organisatie en geef de organisatie vervolgens de rechten voor de producten en flows die deze organisatie mag gaan aanbieden.

  • Voeg een gebruiker van het type 'Agent' toe aan de aangemaakte organisatie. Ga naar 'Account'-->'Gebruikers' en klik op 'Toevoegen'. Koppel de gbruiker aan de aangemaakte organisatie en vul alle verdere gegevens in. De aangemaakte gebruiker is puur voor het maken van een koppeling en dus geen daadwerkelijke gebruiker. Als gebruikersnaam kun je bijvoorbeeld Koppeling_naamorganisatie gebruiken. Dit zorgt ervoor dat je duidelijk kunt herkennen dat de gebruiker voor een koppeling gebruik wordt


  • Open de gebruiker die je zojuist hebt aangemaakt. Je zult aan de rechterkant een aantal acties vinden, waaronder 'Genereer' onder 'API token'. Klik vervolgens op 'Genereer', waarna een scherm opent met het aangemaakte token. Let op: Zorg ervoor dat je het schuifje aanzet dat de API key voor een integratie wordt gebruikt, want dit zorgt ervoor dat de API key alleen binnen Salesdock gebruikt kan worden. Sla dit token op door op 'Sla token op' te klikken.


  • Deel het zojuist aangemaakte token met klant A. Let op: het is belangrijk dat dit token op een veilige manier wordt aangeleverd bij de klant, omdat hij/zij hiermee toegang heeft om orders in te leggen in jouw omgeving.


Actie klant A


  • Ga naar 'Integraties' in het menu en klik op 'Toevoegen'


  • Bovenaan vul je het accountnaam en de door klant B verstrekte API token in. Na het invoeren van deze gegevens kun je de verbinding testen door op 'Test API verbdinding' te klikken, waarna je zult zien of er succesvol verbinding kon worden gemaakt.







  • Na het opslaan van bovenstaande kun je bij het tabblad 'Instellingen' Bij 'Instellingen synchroniseren' kun je aangeven wat je wil doen met producten die je reeds hebt ge├»mporteerd, maar niet meer aanwezig zijn bij klant B (verwijderd, gedeactiveerd of de toegang ingetrokken aan de kant van klant B). Je kunt aangeven dat je dan niks wil doen (doe niks), de producten wil deactiveren (deactiveer) of wil verwijderen (verwijderen).
       


  • Als je wil dat de orders worden doorgezet naar klant B, dan kun je het schuifje 'Zet saleverwerking' aanzetten, waarna een aantal configuratiemogelijkheden openen. Zet vervolgens het schuifje 'Zet automatische saleverwerking aan' aan en configureer of je wil dat de sales altijd automatisch worden doorgezet (dus met alle statussen), of dat het alleen bij bepaalde statussen moet. Als je wil dat het bij bepaalde statussen uitgevoerd moet worden, dan kun je de optie 'Specifiek' kiezen bij 'Verwerk order op status?'. Je kunt vervolgens de statussen selecteren die als voorwaarde gelden om de order door te zetten naar klant B. Mocht je orders handmatig willen doorsturen naar de Salesdock omgeving van klant B (dus vanuit de transactie op 'verzenden' klikken), dan kun je het schuifje 'Zet automatische saleverwerking' uit laten staan. Je kunt dan vanuit de order voor een desbetreffend product van klant B de order handmatig doorsturen, mits deze voldoet aan de door jou doorgevoerde configuraties.
  • Zet het schuifje 'Controleer updates van een sale' onder 'Sale updates' aan als je wil dat de statussen bij klant B worden opgehaald. Voorbeeld: klant B heeft een API-koppeling met een opdrachtgever, die terugkoppelt of de order succesvol verwerkt is. Zodra de order succesvol verwerkt is, dan wordt de status van de order aangepast naar 'Verwerkt'. Deze status kun je vanuit de omgeving van Klant A eveneens ophalen. Indien je dit wilt, dan zet je het schuifje 'Check for sale status updates' aan. Let op: op een later moment moeten deze statussen nog gekoppeld worden, wat verderop in deze handleiding wordt uitgelegd.
  • Het is mogelijk dat, naast de status, de orders alleen onder bepaalde condities verstuurd mogen worden (denk alleen bij bepaalde proposities). Onder het kopje 'Condities bij verwerken van een sale' kun je de condities configureren en aangeven wanneer het verstuurd moet worden (vergeet niet het schuifje 'Zet saleverwerking aan' ook aan te zetten onder condities, maar onder 'Sales' uit te laten staan).


  • Je zult, zodra je de integratie hebt opgezet, de producten kunnen ophalen waarvoor je gemachtigd bent. Dit kun je verder configureren met de instellingen binnen de integratie. Open daarom de zojuist aangemaakte integratie. Je zult vervolgens de producten kunnen selecteren je die wilt importeren. Zodra klant B een aanpassing doet aan een propositie (denk bijvoorbeeld aan het tarief, de naam of de bijlagen), dan zal Salesdock deze data direct automatisch synchroniseren. Heeft er geen wijziging plaatsgevonden? Dan zal de datum bij 'Laatst gesynchroniseerd om' dezelfde datum blijven houden. Dit betekent dus dat er sinds die dag geen wijziging heeft plaatsgevonden. Je kunt echter ook altijd op de knop 'Synchroniseer nu' klikken, waarna Salesdock realtime controleert of er wat gewijzigd is aan de kant van klant A.


  • Vervolgens dien je bij 'Flows' de flow uit jouw eigen Salesdock omgeving te koppelen aan die van de klant. Je selecteert in dit scherm dus de flow die je aan jouw zijde gebruikt gebruikt voor de integratie. Klik vervolgens op 'Save mapping'.


  • Bij het tabblad 'Productvragen' dien je de vragen uit jouw Salesdock omgeving te koppelen aan die van de andere klant. Door op het 'i' icoontje achter een vraag in de rechterkolom te klikken, zal er een pop-up venster openen. Dit venster toont de voorwaarden waaronder een vraag uitgesteld moet worden (type vraag, welke validaties en condities hierop zitten, etc.), inclusief de bijbehorende antwoordopties. Het is dus belangrijk dat deze vragen aan jouw zijde ook conform de inrichting aan de kant van de klant is ingericht, omdat het anders zal leiden tot uitval bij het doorzetten van een bestelling naar de omgeving van klant B. Je zult ook alleen vragen zien die van toepassing zijn op de ge├»mporteerde producten. Mocht je dus in de toekomst meer producten importeren van bijvoorbeeld andere leveranciers, dan kan het zijn dat klant B hier andere vragen voor uitstelt (die je ook moet koppelen).




Statussen


Onder het kopje 'Statussen' zul je de statussen kunnen koppelen van klant B aan die van jou zelf. Er zijn hier twee type statussen:

  1. Statussen die de klant zelf heeft aangemaakt. Deze dien je altijd te koppelen, anders wordt het niet gesynchroniseerd.
  2. Systeemstatussen. Dit zijn statussen die Salesdock standaard uitlevert en zijn automatisch gekoppeld. Wil je hier toch andere (op maat gemaakte) statussen aan koppelen? Zet dan het schuifje 'Toon systeemstatussen' aan en koppelen de gewenste status.